Schuldenwijzer is een platform dat mensen met schulden een eenvoudig, beveiligd en online inzicht geeft van de eigen schulden en daarbij horende informatie.
Juridisch nieuws
Kort geding, opheffen conservatoir beslag tot afgifte en bewaring Vordering betreft het opheffen van het beslag tot afgifte en het opheffen van de gerechtelijke bewaring op een paard en bijbehorend paardenpaspoort. Eiseres stelt dat zij de eigenaar is van het paard, zodat het beslag (door gedaagde) is gelegd op basis van een ondeugdelijk recht. Daarnaast stelt eiseres dat het beslag en de bewaring moet worden opgeheven omdat zij onevenredig geschaad wordt in haar belangen. Vanwege het gelegde beslag is zij niet langer in staat met het paard deel te nemen aan trainingen en internationale wedstrijden, waardoor deelname aan de Olympische Spelen in Japan, waar zij jaren met het paard naar toe heeft gewerkt, niet mogelijk zal zijn. De vorderingen worden afgewezen omdat de voorzieningenrechter op basis van al hetgeen in kort geding naar voren is gebracht aannemelijk acht dat de beslaglegger eigenaar is van het paard. Een belangenafweging valt niet in het voordeel van eiseres uit.
ontruiming; huurachterstand van 9 maanden; de corona-crisis rechtvaardigt niet dat helemaal geen huur meer wordt betaald;
De zaak gaat om de vraag of gedaagde partij op grond van afspraken tussen partijen met betrekking tot de incassowerkzaamheden op basis van ‘no cure – no pay’ wegens overtreding van de ‘spelregels’ dan wel als gevolg van een tussentijdse beëindiging een beëindigingsvergoeding dan wel boete aan eisende partij verschuldigd is.
Kort geding. Appel van ECLI:NL:RBNHO:2020:1674. Executoriale beslagen gelegd door pandhoudster onder de appellanten. Niet vexatoir. Geen opheffing. Schorsing? Nadere instructie.
Gemeente heeft verzoek ex artikel 26 Wvg ingediend. Aan het verzoek heeft de gemeente ten grondslag gelegd dat de hypotheekakte de kennelijke strekking heeft afbreuk te doen aan het voorkeursrecht van de gemeente. De rechtbank oordeelt dat de hypotheekconstructie de betrokken partijen praktisch in de gelegenheid stelt om het voorkeursrecht dat de gemeente op de percelen heeft gevestigd te omzeilen. Indien verweerder haar betalingsverplichtingen tegenover de schuldeiser niet nakomt - wat verweerder zelf in de hand heeft - kan de schuldeiser tot executie van haar recht van hypotheek overgaan en kan zo een derde eigenaar van de percelen worden zonder dat deze eerst aan de gemeente zijn aangeboden. In artikel 10 lid 2 onder 2 Wvg is immers de executoriale verkoop opgenomen als uitzondering op de verplichting van de vervreemder om de percelen eerst aan de gemeente aan te bieden. De door verweerders verrichte rechtshandeling wordt, zoals door de gemeente verzocht, vernietigd.
Vordering tot opheffing beslag in kort geding toegewezen in verband met schenden verplichting uit artikel 21 Rv.
Informatieverplichting schuldenaren bij executoriaal beslag op grond van artikel 475 g lid 1 Rv in samenhang met de wetsgeschiedenis bij artikel 444 Rv (TK 16593, nr. 5, p.11-12). Veroordeling om informatie te verschaffen op straffe van dwangsom.
Klacht tegen een toegevoegd-gerechtsdeurwaarder. Berekening beslagvrije voet. Onder woonkosten in de zin van art. 475d lid 4 onder b (oud) Rv wordt geen aflossing van een oude huurschuld verstaan. Klacht ongegrond.
Derdenverklaring na executoriaal beslag betwist. Stand van rekening courant verhouding tussen debiteur/vennoot van de derdenbeslagene en de derdenbeslagene bepalend voor het antwoord op de vraag of de derdenbeslagene een schuld heeft aan de betreffende vennoot. De mogelijkheid van die vennoot om opnamen te doen ten laste van het vermogen van de derdenbeslagene brengt niet met zich dat deze opnamen als schuld van de derdenbeslagene zijn te duiden.
Schending zorgplicht bank. Geen schending klachtplicht. De Rabobank heeft aan haar cliënt, een hoogbejaarde man, tot driemaal toe, in de periode 2003-2008, een zogeheten ‘opeethypotheek’ verstrekt door tussenkomst van een zogeheten ‘huisvriendin’ die uiteindelijk door contante geldopnamen het geld heeft weggesluisd/opgemaakt. De Rabobank heeft in die periode niet eenmaal de cliënt gesproken/gezien en hetgeen in de offertes staat (dat de cliënt de risico’s kende bijvoorbeeld) is feitelijk niet juist. De overschrijvingen die de huisvriendin deed vanuit de opeethypotheek zijn niet gecheckt door de Rabobank (de handtekeningen waren dubieus), waarna de huisvriendin de gelden kon opnemen van de bankrekening (waarvoor ze een machtiging had). Het beroep op de klachtplicht slaagt niet. Over de hoogte van de schade mogen de erfgenamen van de inmiddels overleden hoogbejaarde man zich uitlaten.